De Limburgse nieuwbouw is groter dan het Vlaamse gemiddelde: open bebouwing, een gelijkvloers van 120 tot 180 m², vaak met een aparte garage en een bijgebouw dat mee gepleisterd wordt. Rond Hasselt, Genk, Houthalen en Beringen komt daar de verkavelingsbouw op de zandgronden van de Kempen bij. Die zandbodem draineert goed, waardoor kelders er zeldzamer zijn — maar het bouwvocht in chape en pleisterwerk is er niet minder om. Hier vertrekt onze technieker zelden met minder dan drie toestellen.
Limburg heeft ook de koudste winters van Vlaanderen, en dat merken we op de werf. Een condensdroger in een ruwbouw van 5 °C haalt nog geen kwart van zijn capaciteit; de elektrische kachel op 400 V is in Limburg tussen november en maart dan ook vaker wel dan niet deel van het pakket. Onze realisatie in Hasselt hieronder — pleister- en chapewerken, gedroogd op planning — is een typisch voorbeeld.
Langs de Maas, van Lanaken over Maasmechelen tot Maaseik en Kinrooi, en in het noorden rond Bocholt en Bree, komt waterschade terug bij elke hoge waterstand: kelders en bergingen die onderlopen, en een gelijkvloers waar het water via de vloer naar binnen komt. Onze realisatie in Bocholt is zo'n dossier, met de schimmelsanering die er na een week nat achteraan kwam.